Tax Shelter en voorafbetaling van belastingen: de winnende combinatie

Voorafbetalingen optimaliseren dankzij de Tax Shelter.

De recente hervorming van de vennootschapsbelasting ging gepaard met een daling van de Ven.B maar tegelijk ook een zwaardere ‘bestraffing’ bij ontbreken van (voldoende) voorafbetalingen. Hoe hiermee om te gaan?

Om de betaling van hun belastingen te optimaliseren hebben de vennootschappen er alle belang bij de Tax Shelter (TS) en de voorafbetalingen van belastingen (VB) te combineren. De goede strategie? Bij het begin van het boekjaar het bedrag aan belastingen inschatten dat voor die periode zal verschuldigd zijn, daarna, vóór het aflopen van het eerste kwartaal een voorafbetaling van belastingen (VB1) uitvoeren en die combineren met een investering in de Tax Shelter. Zodra het bedrag van de Ven.B geoptimaliseerd is, wordt het mogelijk om een verhoging van de winst na belastingen te realiseren tot 4,36 %! Een woordje uitleg …

De aanslagvoet van de vennootschapsbelasting daalt. De verhogingen stijgen.

Vennootschappen zullen vanaf het aanslagjaar 2019 inderdaad minder belastingen betalen (33,99 % voor 2018, 29,58 % vanaf 2019 en 25 % vanaf 2021), op voorwaarde dat ze die vooraf betalen. In het andere geval riskeren ze een gepeperde rekening …

In het verleden leidde het niet vooraf betalen van belastingen niet tot zware boeten maar slechts tot een verhoging van 1,125 % op het verschuldigde belasting (voor aanslagjaar 2017). Die situatie is de voorbije maanden drastisch veranderd. Voor aanslagjaar 2018 werd de verhoging om te beginnen verdubbeld tot 2,25 %. En voor 2019 (fiscaal afgesloten vóór 31 december 2018) wordt het percentage nog eens met 3 vermenigvuldigd. Op twee jaar tijd wordt het dus zes keren duurder om geen belastingen vooraf te betalen: het percentage van de verhoging is opgetrokken van 1,125 % tot 6,75 % !

Gebruik maken van de bonificaties om de belastingverhoging ongedaan te maken

Gelukkig kan men zich zo organiseren dat een verhoging ontlopen wordt. Hoe dan? Door precies het optimale belastingbedrag te berekenen dat vooraf, vóór het afsluiten van het eerste kwartaal (VB1), moet worden betaald, om gebruik te maken van het principe van de bonificaties die daarmee samenhangen. Dat principe is heel eenvoudig: hoe meer de vennootschappen hun belastingen vooraf betalen, hoe meer de bonificaties zullen bedragen.

 

VB kwartaal 1

VB kwartaal 2

VB kwartaal 3

VB kwartaal 4

2018 - Bonificaties

3%

2,5%

2%

1,5%

2018 - Verhoging

2.25%

2019 - Bonificaties

9%

7,5%

6%

4,5%

2019 - Verhoging

6,75%

 

Optimalisatie zonder TS: een bedrag betalen van 75 % van de geschatte belastingen (zonder de verhoging) voor het boekjaar.

Zoals te zien in de bovenstaande tabel is het percentage van de bonificatie voor VB1 tijdens aanslagjaar 2019 vastgelegd op 9 %. Om de Ven.B te optimaliseren kunnen we dus aanraden om een aanzienlijke VB1 te verrichten. Het negatieve effect van de verhoging (6,75 %) ontlopen vereist een VB1 voor een bedrag dat gelijk staat aan 75 % van de geschatte belasting zonder verhoging (6,75/9 = 75 %).

Optimalisatie in combinatie met de TS: een bedrag betalen van 48,4 % van de geschatte belastingen voor het boekjaar.

De combinatie van een VB1 met de Tax Shelter biedt de mogelijkheid om te optimaliseren en tegelijk het bedrag van die eerste voorafbetaling te beperken, aangezien de Tax Shelter leidt tot een daling van de belastbare basis en bijgevolg ook van het verschuldigde belastingbedrag. Voor aanslagjaar 2019 kan een koppeling met een maximale Tax Shelter het bedrag van de geoptimaliseerde VB1 reduceren met ongeveer 35 %: van 75 % zonder Tax Shelter naar 48,4 %1 met Tax Shelter. Door deze strategie neemt het ‘rendement’ van VB1 aanzienlijk toe en de impact op de winst na Ven.B komt uit op netto 4,36 %2.

Strategische planning van de Tax Shelter-investering, gecombineerd met VB.

Bij SCOPE Invest kunnen de investeerders rekenen op een gepersonaliseerde begeleiding door een ervaring fiscaal consulent die alles op zich neemt en met hen de beste strategie zal uitwerken, zowel inzake VB als wat de Tax Shelter betreft.

Voor rechtspersonen die het verminderde belastingtarief genieten kan de globale winst over de looptijd van de verrichting negatief uitpakken, tot -27,38 %.

De investeerder dient alvorens welke investeringsbeslissing dan ook te nemen met zijn gebruikelijke fiscaal adviseur te overleggen over de concrete situatie.

 


 

1. Deze optimaliseringslimiet voor VB1 is niet van toepassing voor vennootschappen met het vermogen om het jaarlijkse maximum van de Tax Shelter-vrijstelling te bereiken van 850.000 € en 50 % van de gereserveerde belastbare winst.

2. Zie het becijferde voorbeeld voor aanslagjaar 2019.

Vroeger ondertekenen om een prioritaire behandeling te krijgen

Zich vroeger verbinden tot een Tax Shelter-verrichting houdt geen verhoging van het risico in, maar blijkt in tegendeel een lonende strategie. Hieronder in vijf stappen het bewijs.

Zo vroeg mogelijk plannen om te optimaliseren.

Voor het optimaliseren van de Ven.B is een combinatie nodig van voorafbetaling en Tax Shelter. De impact op de winst na Ven.B van dit winnende duo is substantieel: netto +4,36 % (AJ2019). Om gebruik te kunnen maken van de hoge bonificaties van het eerste kwartaal moet het optimaliseren van de VB gepland zijn in het begin van het boekjaar. Dat is dus het geschikte tijdstip voor het inschatten van het belastingbedrag en het berekenen van de optimale VB1, in combinatie met een maximale Tax Shelter.

Zekerheid over een beschikbaar filmproject.

Gezien de huidige schaarste aan filmprojecten om via de Tax Shelter te financieren is het van belang om een investering zo snel mogelijk veilig te stellen. SCOPE raadt daarom aan om vanaf het eerste kwartaal een verbintenisbrief te ondertekenen. Daardoor heeft de investeerder de garantie van een prioritaire behandeling zodra een film beschikbaar wordt.

De onzekerheid van de ‘eindejaarsrush’ vermijden.

Voor SCOPE helpt het vroegtijdig ondertekenen in de loop van het jaar om een beter idee te krijgen over de vereiste hoeveelheid aan filmprojecten. Op die manier wordt het fenomeen van de ‘eindejaarsrush’ vermeden die zowel voor SCOPE als voor de investeerders alleen maar onnodige druk genereert.

Een film selecteren waarvoor de uitgaven al lopen.

De investeerders die vroeger op het jaar hun handtekening zetten, krijgen gemakkelijker een film voorgesteld waarvoor de uitgaven al aan de gang zijn, of die binnenkort van stapel loopt. Dat is niet zonder belang, omdat het de mogelijkheid biedt om de storting van het aanvullend rendement te vervroegen en in veel gevallen ook resulteert in een kortere termijn voor het verkrijgen van het Tax Shelter-attest. Die hangt namelijk onder meer af van het tijdstip waarop het werk wordt voltooid. Gezien de seizoensgebonden Tax Shelter-piek op het einde van het jaar (ongeveer 75 % van de vennootschappen sluit zijn boekjaar af in december), grijpen de producenten die periode aan om fondsen op te halen voor films waarvan de productie soms pas maanden later van start gaat. Die termijn tussen de ondertekening en de eerste uitgaven voor de film kan worden ingekort door de raamovereenkomst vroeger op het jaar te ondertekenen, bij voorkeur pal in de productieperiode van de film.

SCOPE engageert zich.

Voor de investeerder houdt het feit van het ondertekenen van een eenvoudige verbintenisbrief bij het begin van het boekjaar geen bijkomend risico in. SCOPE verbindt er zich immers toe om de investeerder vóór hij het boekjaar afsluit een filmproject voor te stellen en als dat niet gebeurt een schadevergoeding te betalen ten bedrage van de potentiële globale nettowinst die van de investering in de Tax Shelter kon worden verwacht.

De investeerder dient alvorens welke investeringsbeslissing dan ook te nemen met zijn gebruikelijke fiscaal adviseur te overleggen over de concrete situatie.

Becijferd voorbeeld

 

Newsletter

Rekentool